Huiswerk en hormonen

Welkom in de wondere wereld van het gezinsleven met pubers. Een wereld waarin de wasmand een bodemloos zwart gat lijkt, wiskunde wordt gezien als een persoonlijke aanval en de wifi-verbinding belangrijker is dan zuurstof.

Het is zaterdagochtend. Terwijl ik mijn eerste kop koffie nog niet op heb, klinkt er een verontwaardigde basstem vanaf de bovenverdieping. De 15-jarige heeft een wedstrijd, maar zijn thermokleding is niet gewassen.

Ik denk aan de bergen was die we de afgelopen week hebben weggewerkt, een prestatie die grenst aan een fulltime baan.

‘Heb je het überhaupt in de wasmand gegooid?’

‘Eh…’

Blijkbaar wordt van ons verwacht dat we met een metaaldetector en een zaklamp de tienerkamers afstruinen op zoek naar zweterige sportkleding.

Ondertussen worstelt de dochter van 14 met een ander trauma: Wiskunde. Dankzij haar Agora-onderwijs heeft ze de afgelopen jaren de meest fantastische dingen gedaan. Ze weet alles van Axolotls, heeft een eigen website gebouwd en is een expert in haar eigen interesses. Maar ja, de overheid en het VWO-diploma hebben daar geen boodschap aan. Er moeten ‘punten’ gehaald worden voor de verplichte nummers. De overgang van passieprojecten naar abstracte algebra is… laten we zeggen, pittig.

‘Haat aan algebra! Waarom staan er ineens letters in sommen?! Wat is dit, rekenen of spelling? Make up your mind!’

Als ze vervolgens bij de kwadratische vergelijkingen aankomt, volgt de genadeslag: ‘Ik krijg hier een vierkant hoofd van!’

Haar tweelingbroer staat klaar met de ABC-formule, maar hulp accepteren? Ho maar. Dat staat gelijk aan capitulatie. In de wereld van de puberdochter is ‘iets niet kunnen’ een zonde, en ‘hulp van je tweelingbroer aannemen’ de ultieme vernedering.

De oudste van 15 geniet ondertussen zichtbaar van de strijd.

Haha, succes met molrekenen straks,’ merkt hij droogjes op. Bedankt voor de support, jongen.

En dan is er nog de jongste, die over de topo-kaart gebogen zit, de wanhoop nabij.

‘Ik moet LETTERLIJK de hele wereld weten!’

In dit huis ligt de schuld van alle ellende standaard bij drie dingen: school uiteraard, de verkrekte laptop, of de ‘gare’ wifi (die overigens prima werkt als er geNetflixt wordt).

En wij als ouders staan aan de zijlijn. We hebben de antwoorden, we hebben de levenservaring en we hebben de schone sokken (mits ze in de mand liggen). Maar goede raad geven is op dit moment gevaarlijker dan een brandend pand binnenstappen.

Het is een fase, zeggen ze. Ik denk dat ik nog maar een bak koffie zet en wacht tot de storm gaat liggen. Of tot de wifi er écht uitvliegt, want dan weten ze me ineens wel te vinden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *